Als Roodkopje op bezoek was bij Sneeuwwatje stuurde ze steeds kaartjes en brieven naar de Broze wolf.
Dan schreef ze hoe de prins van Sneeuwwatje weer zat te smakken aan tafel (iets waar Roodkopje overdreven allergisch voor was), hoe ze met Sneeuwwatje was gaan winkelen op de markt van Allaping. Hoe ze koffie hadden gedronken, waren gaan wandelen, koekjes van eigen en ander deeg hadden gebakken.
Met veel zorg zocht ze dan de kaartjes uit, schreef met haar beste pen.
‘s Avonds belde ze dan ook nog es naar de Broze wolf om meestal te vertellen wat er op haar kaartje en in haar brieven stond…
Maar als de Broze wolf naar de Geschoende kat ging hoorde Roodkopje nooit wat.
Geen kaartje, geen brief, geen telefoontje.
De wolf vond het beter zo.
“dan heb ik wat te vertellen als ik terug ben” had hij een keer gezegd.
“Hoef jij niet 4 x hetzelfde verhaal te lezen, te horen en te zien zoals ik “ had hij er wat achteraan gemompeld.
De Broze wolf had wel een punt (iets wat Broze wolven graag hebben, een punt), maar als hij terug in het bos was vertelde hij ook niet hoe het was.
Als hij dan Roodkopje tegen kwam, al dan niet ‘per ongeluk’ dan was hij wel enthousiast en een koekje sloeg hij nooit af.
Soms bleef hij dan dagen hangen aan de waterkant.
Maar soms was hij ook na een uur al weer weg.
En hoewel Roodkopje de Broze wolf nam zoals hij was, met al zijn komen en gaan. Toch kreeg ze het soms wat moeilijk met alle woordeloze woorden die hij telkens bij haar achter liet.
Het werden er zoveel dat Roodkopje op den duur niet meer wist waar met al die woordeloze woorden te blijven.
Af en toe schudde ze eens met een woordeloos woord om te horen of er wat in zat. Maar zoals iedereen weet, niets zo moeilijk om uit het woordeloze woord de betekenis te halen.
Dus uit angst wat waardevols weg te smijten hield ze alle woordeloze woorden van de Broze wolf bij.
Toen de Broze wolf op een dag met Roodkopje aan de waterkant zat vroeg Roodkopje wat de Broze wolf eigenlijk deed met al haar vragen die onbeantwoord bleven.
Hield hij die ook zo bij als zij al zijn woordeloze woorden?
De Broze wolf keek haar wat verbaasd aan.
“Onbeantwoorde vragen? Ik heb al je vragen beantwoord toch?” antwoordde hij met een vraag.
Nu was het aan Roodkopje om met een verbaasde blik de wolf te omhullen.
“Waar zijn die antwoorden dan?” vroeg ze wat bitsig. Er zeker van zijnde dat er geen antwoord aan haar donkerbruine ogen zou zijn ontsnapt. Roodkopjes zijn namelijk erg goed in antwoorden en woorden bijhouden. Er glipt er niet zo maar ééntje langs haar heen.
De wolf zweeg.
En weer rolde er een woordeloos woord van tussen zijn poten.
“En wat heb ik genoeg van jouw woordeloze woorden” riep Roodkopje nu wat bozig.
“Wat moet ik daar nu mee!”.
“Ah misschien moet jij daar eens mijn antwoorden in gaan zoeken he” riep de wolf nu wat bozig terug.
“Ohhh zooo, dat méén je niet he!” riep Roodkopje nu echt kwaad. “Jouw antwoorden zitten toch niet in al die woordeloze woorden van je!!! Moet ik daar tussen gaan zoeken?! Daar ben ik 5 jaar mee bezig”
“Tja “ zei de Broze wolf wat wijsneuzig “Heb je wat te doen he, En misschien ben jij niet zo goed in het lezen van woordeloze woorden, Da’s mijn fout niet he” En hij legde zich op zijn rug in het gras.
Roodkopje haar hoofd was nu bijna zo rood als haar haren.
Ze stond op en liep terug het bos in.
Een maal thuis graaide ze al de woordeloze woorden van de Broze wolf die ze zorgvuldig bewaard had en gooide ze buiten op één grote berg.
“Wie denkt dat Broze geval wel dat ie is! “ mompelde ze tussen haar tanden terwijl ze de lucifers pakte.
“Misschien ben jij niet zo goed in het lezen van woordeloze woorden” herhaalde ze kwaad en met een nagemaakt broze-wolf-stemmetje.
Ze wist natuurlijk ook wel dat je nooit zo kwaad werd om iets als het niet iets zei over jezelf.
En ja ze was inderdaad niet zo goed in het lezen van woordeloze woorden.
Roodkopje was verliefd op woordvolle woorden. Dat was haar ding.
En toen bleek dat de Broze wolf niet zo woordvol was had ze zijn leegte zelf wat ingevuld.
Maar daar was Roodkopje niet zo gek meer van. Ze had vroeger overal en van iedereen de lege woorden ingevuld en zo waren bepaalde sprookjes plots heel anders geworden dan ze in feite waren.
En niet iedereen was daar zo gelukkig van geworden.
Toen ze Lans en Mietje had verteld hoe zielig het was dat de heks zo alleen was en hoe gruwelijke ouders je wel niet moest zijn om zomaar je kinderen in het bos achter te laten hadden Lans en Mietje bijna hun ouders in plaats van de heks in de oven gestoken.
Of toen ze tegen Sneeuwwatje had verteld dat als je de mooiste bent van het land of je dan nog wel dat hele huis van de 7 dwergen moest gaan opkuisen? Vreselijk als ze weer terug dacht aan de ruzie die er ontstond tussen de dwergen en de heks om wie de giftige appel aan Sneeuwwatje mocht geven….
Gelukkig heeft ze haar eigen ingevulde woorden weer terug kunnen rechttrekken en leeg schudden. Is ze met Lans en Mietje en hun ouders rond de tafel kunnen gaan zitten en met de 7 dwergen en sneeuwwatje een intensieve groepstherapie kunnen aanvatten.
Maar vanaf die moment had Roodkopje zich voorgenomen wat voorzichtiger te zijn met het invullen van woordeloze woorden en de leegtes die tussen zinnen door wel es durft te zitten.
Maar met al die woordeloze woorden en de leegtes tussen de Broze wolf zijn zinnen door kon Roodkopje niets meer aanvangen.
Ze had er ook wat schrik van gekregen.
Stel dat ze het weer verkeerd ging invullen….
Dus wat kwaad en verdrietig stak ze al zijn woordeloze woorden in brand.
De woordeloze woorden knisperde en knetterde.
De Broze wolf die door het zien van de rookpluim kwam aanlopen riep verontwaardigd: “Wat doe je nou!”
“Ik had het koud” zei Roodkopje kwaad en met tranen in haar ogen.
Toen de wolf dichterbij was gekomen en haar tranen zag zitten vroeg hij waarom ze huilde.
“Ik huil niet” zei Roodkopje dapper. “Mijn ogen smelten gewoon een beetje van de warmte van het vuur”.
“En zijn dat niet de spiegels van je ziel, ogen” vroeg de wolf wat stil.
Roodkopje zweeg, ze besloot zelf eens een woordeloos woord te geven, een vraag woordeloos te beantwoorden.
“Mij woordeloze woorden zijn dan toch alvast warm he” glimlachte de Broze wolf.
Roodkopje glimlachte wat schoorvoetend terug.
“Ik ben gewoon niet zo goed in woordvolle woorden en ja ik laat veel leegte tussen mijn zinnen door.” ging de wolf verder.
“Maar ik wil niet invullen” zei Roodkopje wat moedeloos. “Ik word zo moe van invullen” prevelde ze er wat stil achter.
“Maar dat moet toch ook niet” antwoordde de wolf.
“Soms zijn woorden ook het mooist als je ze leeg laat, invulbaar. Zo kan het alles zijn, of niet zijn.”
“En daarbij, het gaat toch niet om invullen, maar om aanvullen” zei de wolf.
“En dat doen wij toch, elkaar aanvullen? Juist in het zo anders zijn. Jij vult mijn woordeloze aan met al jou woordevolle. En ik vul je woordevolle wat weer aan met de het woordeloze….” vulde de wolf aan.
“Hoe kom jij ineens zo wijs” antwoordde Roodkopje en gaf de wolf een speelse por in zijn wolvenzij.
“ahh komt vast door jou he” grinnikte de wolf en trok aan de rode lokken van Roodkopje.
Al lachend liepen ze achter elkaar aan naar de waterkant.
Toen ze, leunend tegen elkaars zij , aan de waterkant zaten zei de Broze wolf na een tijdje: “Weet je Roodkopig ding, ik besef het niet altijd zo zelf meteen en ik laat niet zoveel van me horen maar …ik dénk wel aan je”
En Roodkopje wist niet zeker of de wolf dat nu luidop had gezegd of niet, maar ze glimlachte en besloot een keer te zwijgen.
De lucht en het hart zat vol opgebrande en brandende woordeloze woorden en dat was voor nu meer dan genoeg.
Made by SoFia
Ps: Meer verhaaltjes (waaronder dit) en in chronologische volgorde over Roodkopje en de Broze wolf zijn hier naast te vinden onder de pagina “De Broze wolf”.Gewoon even aanklikken…
Samen met dit verhaaltje het mooie liedje “without a word”

























