RSS

Tagarchief: herinnering

Langs het tuinpad van mijn vader…..

Foto 1574

Op de logeerkamer van mijn ouderlijk huis.
Wat afgeleefd, prachtig, maar vooral zo klein….
Ik bekijk ze langs alle kanten.
Een paar kleine laarsjes.
Mijn kleine laarsjes.

Niet te omvatten.
Daar had ik ooit in rond gestapt.
Daar had ik met mijn dikke krullenkop het leven mee bestudeerd, mee ge- en beleefd.

Foto 1461

Ik zet me even op de rand van het logeerbed.
Bedenk me dat er op zich niet zo érg veel veranderd is.
Nog steeds een dikke krullenkop, nog steeds het leven bestuderend en ja ik leef en beleef nog steeds.
Al zijn de laarsjes wel net iets groter geworden.
En ook ik.
Hoewel….
Ik voel me nog steeds  het “Pieke Laenen” van 3 (ik kon de ‘F’ niet goed uitspreken) in een te groot geworden lijf.
Ik voel me nog steeds op de appelkar staan of wroetend in de aarde, gesprekken houden tegen mezelf.
Ik voel me nog steeds leven in mijn eigen wereldje dat soms volkomen los staat van deze grote draaiende bol.

DSC_0111

DSC_0112Ik kijk verder de kamer rond, de kamer die ooit van mij was.
En ik zie de collage op de muur die ik er op geplakt had.
Ten tijden van middelbare school, den tijden van St-lukas, van kunst met grote en kleine K, ten tijden van heftige verliefdheden op Nicolaas van het 5de, op de Karate Kid, op de leraar (en die laatste ook op  mij..)
Op de collage plakt een zinnetje “Misschien iets te heftig?” Ik glimlach. Als het niet zo voor het leven vastgeplakt was (als ik doe, doe ik het goed) dan had ik het zo van de muur afgerukt en meegenomen.
Nope, zoveel is er nog steeds niet veranderd….
DSC_0142En toch was ik toen braver dan ooit.
Uitgaan? spijbelen?
Nooit aan mee gedaan, niet ten volle, niet echt.
Zelfs zo dat mijn ouders ietwat bezorgd werden en aandrongen: “moet jij es niet wat meer uitgaan Fie?”
Tja, het resultaat van een vrije opvoeding was dat ik geen enkele uitdaging nog zag in laat weg blijven, in discotheken of cafés rondhangen… Leuk voor een keer, maar ik zat liever thuis, op mijn kamer, in gedachten, in werelden waar niemand anders kwam….
En over laatst zei mijn eigen dochter tegen me: “Mam, je bent nog stééds braaf hoor”
Zoveel is er nog niet veranderd, nee….

Aan de andere muur van de kamer zie ik een portret hangen dat ik schilderde voor Robert Mosuse, mede zanger en muzikant van The Radios.
Een grote liefde in mijn jonge jaren.
Al bleef die grotendeels (tot mijn spijt) platonisch.
Maar wat ik voor hem niet gemaakt heb….schilderijtjes, kaarten, boekjes, krantjes, een hanger (die hij steeds aan had).
Hoeveel optredens die ik niet gezien heb….
Maar het werd nooit meer dan veel aandacht, dan praten, dan lachen.
En als ik dan uit kleine en grote teleurstelling mijn aandacht staakte dan ging hij me bellen.
Waar ik bleef…
Waarom ik niet naar een optreden kwam…
Als ik dan vroeg waar hij bleef… dan lachte hij altijd even aan de andere kant van de lijn.
Deed hij altijd of hij me niet begreep…. en wanneer zou ik dan weer naar een optreden komen?
En telkens ging ik weer, telkens kwam ik hem tegen.
Telkens was hij even enthousiast als ik.
Hielp ik hem aan een werkopdrachtje zelfs,…. waar hij dan zijn nieuwe vriendin mee naar toe bracht….
Toen was ook mijn aandacht op, het eergevoel te groot.
En uiteindelijk hield ook zijn vraag naar aandacht op, werd het stil aan telefoon.
Tot ik jaren later hoorde dat hij was gestorven aan een hersentumor die hij al die tijd al bleek te hebben…
Op de dag dat mijn dochter werd geboren is hij begraven….

DSC_0129
In het ladekastje naast het bed vind ik nog een glazen dolfijntje dat ik ooit heb gekregen van mijn eerste échte vriendje. (de leraar niet meegerekend, leraren daar leer je van)
Dat hij 16 was en ik 19 was niet zo ons probleem. De wereld rond ons dacht  niet altijd even soepel mee. Maar het zou ons een rotzorg zijn geweest.
We leefde een beetje in ons eigen wereldje. Voor alles wat ik voor hem maakte, kreeg ik minstens evenveel terug. En toen ik zijn kamer een keer binnenstapte en hij zijn hele muur netjes had volgeplakt met al de enveloppen van al mijn brieven (ten tijden van pen en papier) wist ik dat ik zielsgenoot gevonden had.
En dat bleef, werd mooier, leuker, heftiger… tot ik het niet leuk vond dat hij vergat dat we al een jaar samen waren, tot ik dacht dat zijn stoppen met roken door 20 sigaretten in één keer in zijn mond te stoppen en aan te steken nogal kinderachtig was, als ook alles maar laten rondslingeren,  het nogal ongevoelig kunnen zijn…. En he, er was ook nog een leven buiten muziek he!
Dat het niet aan zijn leeftijd lag maar aan het feit dat hij jongen/man was en ik meisje/vrouw wist ik toen nog niet….
Maar zoals dat bij eerste liefdes gaat, we zijn elkaar nooit vergeten.
En hij is ondertussen een  goed en groot muzikant 🙂

DSC_0139

Onder het glazen Dolfijntje ligt een foto van toneel.
Wellicht de mooiste tijd van mijn leven, al hebben sommige aardig hun best gedaan om dit totaal te verwoesten.
Maar dat is het mooie aan mens zijn… ze kunnen alles van je afpakken, behalve je ziel, behalve de herinnering.
En die is gespaard gebleven van alle aasgieren en zielenpoten die hun mislukking in het leven willen afwentelen op anderen.
En ik denk met veel heimwee terug aan al de fantastische weekends die ik heb doorgebracht met filosoferen, dansen, lachen, thema-avonden, nachtelijk pannenkoeken bakken of uitbreken om 2 u ‘s nacht om ergens frieten te gaan scoren. Hoeveel uren ik daar heb door gebracht met muziek maken, luisteren, nieuwe ideeën horen, krijgen, zien. Ook dat was een wereldje op zich….
Ik mis het nog elke dag.

DSC_0141

“ komen eten!” hoor ik beneden.
En het lijkt net of ik terug 13 ben, nog thuis woon en ik straks hier weer gewoon het bed in kruip.
Maar dan steekt een 13 jarig hoofd zich door de deur, even denk ik dat ik mezelf zie tot het tegen me zegt:
“Mam, kom je, Omi riep dat het eten klaar is he”.
Als ik de kamer uitga, kijk ik nog even om en neem de kleine laarsjes mee naar beneden.
Na het eten bij mijn ouders (wat we traditie getrouw steeds doen op woensdag) zitten we nog even  gezellig aan tafel, met koffie en koekje.
Ik vraag aan mijn mama of ik de kleine laarsjes mee naar huis mag nemen.
“Tuurlijk Pop (mijn mam noemt me nog steeds zoals ze vroeger deed; ‘Pop(je)’) ze zijn van jou.”
Ze zegt dat ik me natuurlijk niet kan herinneren dat ik die aan had vroeger.
Toch voelt het zo niet, toch voelt het alsof de laarsjes me vertrouwder zijn dan alles in het leven nu.
Ik vraag haar waarom niemand nooit heeft gezegd dat het leven later als je groot bent zo behelpen is, zo betrekkelijk is.
Dat hoe ouder je wordt het leven meer en meer “missen” is, heimwee hebben en het mooiste vaak de herinneringen zijn.
Even dacht ik dat ze me wat vreemd zou aankijken, me niet zou begrijpen of me met levenswijsheden zou gaan toespreken.
Maar ze kijkt even in haar kopje koffie, glimlacht en zegt: “dat is het leven, het leven is missen, maar het wil zeggen dat wat er was dus mooi was”
Ik kijk naar de laarsjes, ik doe zo verdomd mijn best om van elk klein moment het beste te maken, er van te genieten.
Maar ik blijf het kleine Fieke, ik blijf de, 3 jarige ondekster, de 13 jarige genietster, de 19 jarige heftige, de 23 jarige onderzoekende….
En nu?  ben ik de alwetende die eigenlijk niets weet?

Als ik later naar huis ga fiets ik nog even langs de Vondelstraat.
Daar op de hoek,op nummer 1, staat mijn kindertijd te kijken.
Ik kijk naar het huis en vraag me af hoeveel lagen verf er nu al over de muren van mijn kamer met geschilderde wolken zouden zitten.
Ik zie me nog oorwormen uit de rietjes blazen in de tuin (die daar ‘s nacht waren ingekropen). Ik hoor mijn vader nog de bijpassende stemmetjes erbij verzinnen. Ik zie me nog eendjes voeren en kwaad zijn op de meeuwen omdat die altijd het brood van de eendjes afpakte.
Ik zie me nog op de vaart met de rubber boot van brug tot brug roeien, alsof het altijd zomer was.
Rolschaatsen op de stoep en van huis tot huis gaan zingen in een onverstaanbare taal.
En met elk gekregen zakgeld naar het kruidenierswinkeltje op de hoek (dat helaas niet meer bestaat)
Ik sta nog even naar het huis te kijken…..
wat zou ik graag nog een keertje binnen gaan, wat zou ik graag nog even de kindertijd voelen.

DSC_0122
Ik fiets verder.
En vraag me af wat ik  nu zo mis
vraag me af wat ik zoek.
Ik mis de kleine laarsjes, ik mis de hand die me vasthoudt.
Ik mis het onverstoord mogen leven in je eigen wereldje.

Ik zoek…. ik zoek hier en daar de mens die net als ik, heeft geleerd om het leven te leven zoals het wordt verwacht.
Die de weg lijkt te hebben gevonden. Die vol overgaven kan werken, kan genieten, zijn ding kan doen.
Maar die, net zoals ik, af en toe de kleine laarsjes mist.
Die af en toe stil in zijn of haar eigen wereldje zou willen leven.

Ik zoek  de mens die de hekel aan vooroordelen en beoordelen bescheiden in zich draagt.
Ik zoek de liefde.
De liefde die wil vasthouden en vastgehouden worden.
Die me kan ontroeren, vertederen.
Die me kan doen verwonderen en opkijken.
Maar vooral zoek ik de jongenslach in de volwassen man die in mijn donkere vrouwenogen ook het kleine meisje ziet.

Als ik thuiskom zet ik de kleine laarsjes op mijn slaapkamer.
en neurie: this boots are made for walking, and that’s just what they do…”
Op mijn 3 jaar wandelde ik al door het leven, op weg naar morgen.
En nu is het die morgen. En ik wandel nog steeds. Soms naar gisteren, dan weer naar vandaag. Want beide zijn nodig om verder te komen. En ik hoop langs de kant van de weg de bloemen van herinnering nog vaak te mogen ruiken, de zon van morgen te mogen voelen.
Mijn weg is grenzeloos, en daar ben ik blij om. Of zoals het lievelingsliedje van mijn dochter vroeger ‘i did it my way’.
Dat is de enige hoop die ik met me meedraag, dat ik dat lied kan zingen als mijn weg ten einde is.


En als ik even uitrust  op een bankje langs de weg(laarsje kunnen soms wat pijn gaan doen), dan schrijf ik in mijn schriftje mijn conclusie van het moment: “Ik zoek niet, ik vind (Pablo Picasso) en daaronder: “ Ik zoek niet, ik wil gevonden worden” (‘Pieke’ Laenen)

Foto 1558

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 10 juni 2013 in Geen categorie

 

Tags: , , , , , , ,

 
Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag